28/3/2011 Column: Helderheid over Eenzame Ouderen
<< terug
In veel door gevallen heeft beleid baat bij minder wetenschap. Deskundigen accentueren graag hun meningsverschillen, waardoor je niet weet welke kant je op moet. Het leedvermaak druipt van het spreekgestoelte bij de analyse van mislukte maatregelen. En aanbevelingen tarten vaak elk gevoel van politieke haarbaarheid. De arme overheidsdienaar blijft verward en bezoedeld achter na een bezoek van een academicus. Maar…er zijn uitzonderingen. De demograaf Jenny Gierveld is daar één van. Zij presenteert een aantal buitengewoon heldere stellingen over de beste opvang van de vergrijzing. En ze leiden nog tot actie ook. De eerste is: tob niet. Het cohort ouderen dat er aan komt is behoorlijk zelfredzaam, en kan ook rekenen op ondersteuning van kinderen. De tweede stelling is een precisering van de eerste: hou wel rekening met een groep mensen die niet zo weerbaar zijn. En dat zijn vooral de ongetrouwde laagopgeleide ouderen, in de toekomst vaak mannen en allochtonen. De derde stelling is: romantiseer het verleden niet. Het noaberschap was géén warm bad, waarin de oudere verwend werd met veel warm contact. Het was een vaak beklemmende regeling om enige sociale zekerheid te garanderen. Deze stelling wordt van reliëf voorzien in een recent onderzoek van Lilian Linders, De Betekenis van Nabijheid, waaruit blijkt dat bewoners van wijken met veel buurtleven elkaar niet vaker helpen dan in wijken met weinig onderling contact. Als je elkaar op straat vaak ziet, wil je die mensen niet ook nog achter de voordeur zien, zo lijkt het. Mensen zijn bang voor de roddels. Zij hechten aan de vrijheid. Relaties in de ruimte, zoals de buurt of de wijk, zijn minder belangrijk dan relaties in de tijd. Natuurlijk is het best leuk om koffie-uurtjes te organiseren zodat ouderen in een buurt of dorp elkaar leren kennen. Maar de echt eenzamen trek je er niet mee. En het blijven oppervlakkige contacten. Het is belangrijker dat ouderen voor een ´konvooi´ zorgen. Een groep mensen die zij tijdens hun leven opbouwen, en waarmee zij langer en dieper contact onderhouden. Dat zijn de diepe relaties. Dat zijn de mensen waarop je kunt terugvallen. Heeft dit beleidsconsequenties? We kunnen mensen in ieder geval wijzen op de wenselijkheid van zo´n konvooi. En ikzelf heb in ieder geval weer eens oude studievrienden gebeld. Binnenkort gaan we samen eten…
Meer columns: