09/04/2015

AirBnB, de grootste hotelketen in Overijssel

Vorige week beschreef de Volkskrant hoe vastgoedspeculanten in Amsterdam misbruik maken van sites als Airbnb. Zij verhuren panden in de binnenstad het hele jaar door aan toeristen, en omzeilen daarbij regels voor verhuur en brandveiligheid. Er ontstaat, kortom, oneerlijke concurrentie met gewone hotels. Vergelijkbare problemen zijn er met Uberpop, waarbij particulieren zonder vergunning als taxi geld verdienen.

 

Airbnb, de grootste hotelketen in Overijssel
Er is weinig reden om te denken dat deze sites, die als platform dienen voor uitwisselen van diensten, aan Overijssel voorbij zullen gaan. Sterker nog, Airbnb is nu al de grootste ´hotelketen´ in Overijssel, met meer dan 600 accomodaties van Enschede tot Hardenberg, van Heeten tot Steenwijk.

 

Wat opvalt is de halfslachtige reactie van de overheid tegenover dit soort internetplatforms. Minister Blok ziet als voornaamste taak om de overlast van illegale hotels tegen te gaan. Maar er is toch werkelijk meer aan de hand dan een vraagstuk van overlast. De sites veranderen relaties tussen consument en producent. De contacten vinden in de virtuele wereld plaats, in plaats van de voor iedereen zichtbare reële wereld. Daarmee onttrekken ze zich ook voor een groot deel aan het zicht van de overheid. Dat is natuurlijk niet per se slecht. Maar we moeten wel reëel zijn: de kans dat er belasting wordt afgedragen is wel kleiner. En dat geldt ook voor de kans dat wetgeving op allerlei gebied wordt gehandhaafd – of het nu om veiligheid of om arbeidsomstandigheden of de hoogte van lonen gaat.

 

Dit betekent niet dat we ´tegen´ internet moeten zijn – het zou niet alleen ridicuul zijn, maar ook onwenselijk. Het betekent wel dat we door het hosannasfeertje rond de ´deeleconomie´ heen moeten kijken, en serieus moeten nadenken hoe de overheid wil reageren, maar vooral ook hoe zij kan reageren: oude beleidsinstrumenten als verboden lijken eerder symboolpolitiek dan effectief.