02/04/2015

De onvermijdelijke opkomst van de Overijsselse vrouw

De emancipatiemonitor 2014 [1] was voor Rutger Bregman aanleiding om de GVR uit te roepen: de Grote Vrouwelijke Revolutie. Hij ontdekte dat in zijn leeftijdsgroep, tot 30 jaar, vrouwen meer verdienden dan mannen. Voor het eerst in decennia, misschien wel de geschiedenis. Bregman heeft gedeeltelijk gelijk. De opkomst van vrouwen lijkt onstuitbaar – wat dat betreft is, na de vrouwelijke Commissaris van de Koning, de vrouwelijke premier nu toch echt wel in beeld.

 

In het onderwijs doen meisjes al enige tijd beter dan jongens: ze blijven minder zitten en er is minder schooluitval. Vrouwen gaan ook sneller door hun studie heen. Bovendien zijn er meer vrouwelijke dan mannelijke studenten in het wetenschappelijk onderwijs. De arbeidsparticipatie van vrouwen groeit ook stevig. Dat geldt overigens in het bijzonder voor Overijssel: sinds 1998 is die 7% gestegen, terwijl dat in Nederland maar 5% was [2]. De regio maakt op dat vlak de achterstand, die we van oudsher hebben, vrijwel goed.

 

 

Toch is er op de korte termijn nog wel degelijk veel te winnen. Gemiddeld genomen verdienen vrouwen 4 tot 8 % minder dan mannen. Vrouwen werken ook nog veel minder: de deeltijdbaan is populair. De toekomst ziet er ook niet per se zonnig uit. Bezuinigingen treffen juist beroepen waar relatief veel vrouwen werken. In de zorg zullen bijvoorbeeld tienduizenden banen verdwijnen. En het is niet ondenkbaar dat de participatiesamenleving nadelig uitwerkt voor vrouwen. Mannen blijken nog altijd niet erg geneigd zorgtaken op zich te nemen. Participatiesamenleving? Prima…zolang dat geparticipeer maar een zaak voor vrouwen blijft…

 

Voetnoten:

  1. http://www.scp.nl/Publicaties/Alle_publicaties/Publicaties_2014/Emancipatiemonitor_2014
  2. http://trendbureauoverijssel.nl/site/download/XzFt9ouwkQeU?type=open