Karien Stronks (6-2-2020)

Donderdag 6 februari 2020, 15:30 – 17:30

Lezing Wijzen in het Oosten

 

Stadhuis Gemeente Almelo (Haven Zuidzijde 30, 7607 EW Almelo, op loopafstand van het station.)

 

“Morgen iedereen gezond weer op in Twente”

Dat wensen we de inwoners van Twente, van heel Overijssel overigens toe. Maar helaas blijkt dat niet voor iedereen even gemakkelijk te realiseren. Iedereen is wel eens ziek, en blijft liever een dagje liggen. En ziektes die je langer aan het bed gekluisterd houden horen helaas ook bij het leven. Je kan pech hebben. Maar sommige delen van de bevolking lijken meer ‘pech’ te hebben dan anderen. Mensen met een lager inkomen en lager opleidingsniveau hebben een significant kortere en minder gezonde levensduur dan anderen. Ook in Twente. En ondanks vele jaren inspanningen om hier iets aan te doen blijven deze sociaal-economische gezondheidsverschillen hardnekkig groot.

 

Eerdere inspanningen zijn vermoedelijk onvoldoende effectief geweest omdat ze inzoomden op specifieke elementen van het probleem, bijvoorbeeld gebrek aan kennis, of verslaving aan sigaretten. Volksgezondheidsexperts komen meer en meer tot het inzicht dat die elementen in een groter geheel (‘bigger picture’) geplaatst moeten worden, willen we er in slagen gezondheidsverschillen te verkleinen. Voor Professor dr. Karien Stronks, hoogleraar Public Health van de Universiteit Amsterdam, en partner van het Institute of Advanced Studies in Amsterdam is die conclusie niet alleen de basis voor haar onderzoek. Het geeft ook nieuwe inzichten voor een effectiever gezondheidsbeleid.

 

Wat kunnen we van haar leren voor de aanpak van gezondheidsverschillen in Twente. Dat is de vraag die centraal staat in deze bijeenkomst georganiseerd door de GGD Twente, Kennispunt Twente en het Trendbureau Overijssel, in het kader van de Wijzen in het Oosten lezingen reeks.

 

Laura Höfte, projectleider “Supporter van elkaar” en Marieke Arends, projectleider “Gezonde Toekomst Dichterbij” , zullen hun ervaringen in Twente delen. En samen met hen, en alle aanwezigen zullen we kijken hoe ver we kunnen komen in het verbinden van de wetenschappen en de Twentse praktijk.